
In mijn werk in de digitale transformatie in de afgelopen 30 jaar stuitte ik vaak op een paradox: hoe sterker de poging tot controle op de werkelijkheid, hoe fragieler de organisaties die daaraan werkten bleken te zijn. Kosten worden afgewenteld, hergebruik is selectief en de platformrevolutie is in technische zin in volle gang maar in sociale zin is uitsluiting steeds meer de regel.
Mensen hebben de unieke mogelijkheid om scherp te focussen. Voor ons overleven waardevol, maar focus leidt makkelijk tot tunnelvisie: dat waaraan je werkt gaat beter, maar je ziet daardoor ook minder goed wat er zich buiten jouw blikveld afspeelt.
Dat breekt ons steeds meer op. Net als planten en dieren, net als rivieren en bergen, zijn we deel van de kringloop van het leven. We noemen onze samenwerkingsverbanden ‘organisaties’ maar we richten ze in voor de eeuwigheid, met een scherpe grensbewaking tussen binnen en buiten. Wat we niet meer kunnen gebruiken, leggen we buiten ons neer. Organismen staan in voortdurende verbinding met hun omgeving, ze maken snelle cycli door van begin en einde. Alles is van elkaar afhankelijk, alle grondstoffen worden hergebruikt.
In mijn werk neem ik de natuur als leidraad. Mag ik je met een paar voorbeelden meenemen in hoe dat er concreet uit ziet?


Diversiteit bevorderen
Een netwerk van verbindingen wordt ook wel ecosysteem genoemd. Ecosystemen moeten divers en wederzijds zijn om alles in huis te hebben dat nodig is om te kunnen functioneren. Alles heeft een rol, alles wordt benut binnen het systeem. Diversiteit is daarin een belangrijke voorwaarde. Wat of wie mist of wordt te weinig benut? Waar missen verbindingen?
Voortdurend meebewegen
Ecosystemen bewegen mee op de flow van wat er doorheen gaat. Bijvoorbeeld klimaatverandering, of vergrijzing. Ze vertonen een web-achtige vorm van organiseren. In zo’n ecosysteem registreert elk lid de verandering en reageert, juist omdat het wil overleven. Dat geldt ook voor huishoudens als ze de prijs van energie zien stijgen – ze stappen over naar leveranciers die leveringszekerheid tegen een betaalbare prijs garanderen. Of ze gaan samen zélf hun energie produceren. Ecosystemen combineren behoud van stabiliteit mét verandering. Dat vraagt om heldere feedback. Als facilitator organiseer ik die en breng vervorming aan het licht.
Kettingreacties op gang brengen
Vervorming van informatie speelt bijna nooit op maar één plek; ze is meestal systemisch. Waar op de ene plek in de vertaling van signalen iets mis gaat, wordt die ruis in de samenwerking uitvergroot. Als je dat leert herkennen en hanteren, kun je met kleine acties grote veranderingen op gang brengen. Dat geldt voor het herstel van het natuurlijk evenwicht in natuurparken, maar ook in organisaties. Ik breng het ecosysteem met alle ketenprocessen in kaart en identificeer de handvatten voor zichzelf versterkende verandering.


Synchroniseren
Elk systeem kent verschillende tempo’s en ritmes. Dat geldt voor muziek, voor het weer, voor de stromingen in de oceaan, voor landschappen, en ook voor bedrijven. Er is niet alleen creatie, groei en oogst, maar ook verwelken en vergaan. Te snelle groei van één soort leidt tot afsterven van anderen. Als de ritmes van alle organismen in een systeem synchroon lopen, bloeit het ecosysteem. Zo gaat dat ook in organisaties: als één deel te snel groeit, neemt op andere plekken de druk enorm toe. Als ecosystemisch facilitator synchroniseer de verschillende cycli in de organisatie en kijk hoe we herbenutten wat ons niet meer dient.
